Eén pot nat

WP_20160427_17_48_12_Pro

Samen met Ferhat loop ik naar huis, zijn kleine handje in de mijne. Zijn minibeentjes proberen mij bij te houden waardoor hij af en toe een sprongetje moet maken. In zijn linkerhandje klemt hij zijn lievelingsauto stevig vast, het is een rode auto van Cars, Lightning McQueen, voor vrienden Lijtje. De stickers zijn er bijna volledig afgevaagd en in de hoekjes piept de donkere metaalkleur al voorzichtig onder de rode verf uit, maar ondanks zijn gebreken is het zijn favoriete auto en moet hij overal mee naar toe.
Ik vertel dat we thuis vlug wat gaan eten en dat we daarna even wat muntthee naar papa gaan brengen in de pizzeria.

Gauw stappen we door en als we binnen zijn zet ik direct de schaal met bloemkooltaart in de oven. Bloemkooltaart is eigenlijk een bloemkoolovenschotel, maar dat lusten ze hier niet, bloemkooltaart daarentegen natuurlijk wel! Ferhat komt met een grote glimlach naar me toe en zegt dat we boffen, we eten taart en er is niet eens iemand jarig!

Ik zet de gebaksbordjes op tafel, taart eet je niet van een dinerbord, vul de gekleurde plastic Ikeabekers met water en zeg dat iedereen plaats mag nemen voor deze feestmaaltijd. Miran kruipt op zijn zichzelf toegeeigende vaste stoel. Ferhat en Dilay maken ruzie over een plekje en ik herinner ze eraan dat Dilay daar gister mocht zitten en Ferhat nu dus aan de beurt is. Nukkig schuift Dilay een stoeltje op. Dat viel mee!

Binnen drie minuten zit iedereen aan tafel en zijn we klaar om te gaan eten, maar dan begint Ferhat te snikken. Beteuterd kijkt hij naar de groene beker voor hem op tafel. Groen. Gelijk zie ik mijn vergissing in, ik heb hem een groene beker gegeven. Een groene in plaats van een roze. Shit, hoe kon ik zo stom zijn. Van alle kinderen is hij de enige met een kleurvoorkeur en uitgerekend hem geef ik de verkeerde beker. Na een blik rond de tafel zie ik dat mijn vergissing nog veel groter is dan dat. De roze beker prijkt tussen Mirans mollige net-niet-meer-babyhandjes.
Ik doe een schietgebedje en probeer Miran over te halen zijn lelijke saaie beker te ruilen voor de mooie frisgroene beker van zijn broer. Als ik voorzichtig de roze beker wil pakken krijg ik een boze ‘Nee! Mij!’ te horen. Missie gefaald.

Ik sta voor een dilemma; als ik de bekers niet omwissel heb ik de rest van de dag een verdrietig kleutertje, maar als ik ze wel omwissel ontsteekt mijn vrolijke peutertje in een niet te temmen driftbui. In gedachten weeg ik zorgvuldig de gevolgen tegen elkaar af en besluit de bekers niet om te wisselen. Ferhat zal in zijn leven nog veel grotere teleurstellingen te verwerken krijgen dan de kleur van een plastic bekertje en ik denk niet dat hij er beter van wordt als ik hem er steeds voor behoed, daarbij had Miran ook gewoon de roze beker gekregen, dus waarom zou hij die moeten afstaan?

Ik leg Ferhat uit dat hij vandaag genoegen moet nemen met de groene beker, maar morgen zal ik hem de roze geven, echt waar, beloofd. Zijn gezichtje betrekt en zijn oogjes worden nat. Dikke tranen rollen over zijn wangen en een vieze snottebel glijdt uit zijn rechterneusgat. Met het puntje van zijn tong kan hij precies bij de slijmerige substantie en behendig laat hij de onderste helft ervan in zijn mond verdwijnen, de bovenste helft veegt hij af aan zijn linkermouw. Ik wijs hem erop dat een zakdoekje hygienischer is en hoop dat hij deze gewoonte gauw afleert.

Snikkend deelt hij zijn taart met Lijtje, om de beurt een hapje. In mijn ooghoek zie ik dat Miran zich vergist, hij pakt per ongeluk mijn oranje beker. Normaal zou ik hem hier op wijzen, maar vandaag komt het goed uit. Ongemerkt schuif ik de roze beker twee plaatsjes door, tot achter Ferhats bord. Ferhat kijkt me vragend aan en ik knik, de roze beker is voor hem. Hij begint te lachen en zijn ogen stralen weer. Voor de tweede keer deze maaltijd veegt hij zijn ontembare snottebel af aan zijn mouw, zijn tranen droogt hij aan mijn schone blousje dat over de stoel naast hem hangt en dan zet hij de felbegeerde beker aan zijn lippen. In een keer drinkt hij hem leeg. Ik begrijp hem, water smaakt veel lekkerder uit je lievelingsbeker als je vier bent.

Zodra iedereen zijn bordje leeg heeft kijkt hij me aan en vraagt of we nu dan naar papa gaan om zijn geldkoffie te brengen. Ik begrijp niet wat hij bedoelt, maar om een ingewikkelde uitleg voor te zijn besluit ik niks te vragen. We trekken onze jassen en schoenen aan. Ik loop naar de keuken en stop een aangebroken doosje muntthee naast de luiers, doekjes, bonnetjes en koekkruimels in mijn grote zwarte tas. Ferhat grijpt mijn tas, doet het doosje muntthee open, stopt zijn auto erin en geeft me een kus op mijn rechter bovenbeen, ‘goed dat je aan papa’s geldkoffie hebt gedacht mama, ik ben trots op je!’ Ik glimlach en kijk naar beneden. Op mijn zwarte broek glimt een grote snottebel, maar dat kan me niets schelen. Ik geef hem een kus op zijn neus, pak zijn handje en samen stappen we de koude avondlucht in. Papa, we komen eraan, mét je geldkoffie!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s